Heel gaaf: sport ontmaskert

13 maart 2017

Mijn naam is Guido Zwart, ik ben 24 jaar en sinds februari 2017 stagiair bij Stichting Moria. Momenteel volg ik de hbo-opleiding Maatschappelijk Werk en Dienstverlening aan de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen. Een opleiding die goed bij me past heb ik ontdekt. Hiervoor deed ik trouwens sportopleiding CIOS (sociale bewegingsagogiek). Want ik wilde sportleraar worden.

(Tekst: André Stuart)

Voor mijn eerste opleiding liep ik stage in de koepelgevangenis in Arnhem en op een school voor leerlingen met 'een rugzakje': kinderen met autisme of ADHD. Ik merkte toen twee dingen: dat ik het leuk vind om te werken met jongemannen die worstelen met hun plek in het leven. En ik bedacht dat ik niet alleen gymlessen wil geven. Begrijp me niet verkeerd: ik vind sport iets fantastisch. Het is een prachtig middel om grenzen te verleggen en de confrontatie met jezelf aan te gaan. Of je iemand meemaakt in de gymzaal of gewoon aan de andere kant van de tafel maakt wel uit. Ik denk dat sporten een geweldige ingang is bij wat ik graag wil: mensen echt zien én aan zichzelf laten zien en zo de mogelijkheid hebben om dingen in beweging te krijgen. Maar ik wil het graag allebei: sporten en daarna dat 1-op-1 gesprek kunnen voeren. Ik wil op school en bij Moria graag leren hoe je dat doet, zo'n gesprek, hoe je iemand motiveert en weer zelfvertrouwen kunt geven. Maar dan moet je wel tot iemand doordringen.

Heel gaaf vind ik het daarom dat sport ontmaskert. Dat heb ik gezien in de gevangenis in Arnhem. Op de galerij waren de jongens vaak heel stoer en hielden ze een imago hoog van 'mij raak je niet'. Maar ik de gymzaal, als ze een keer verloren, waren ze het gepantserde masker snel kwijt en bleken ze gewoon kwetsbaar. Kijk, ik speel zelf al jaren hockey, ben in Wijchen begonnen en op een gegeven moment gescout om te spelen bij Union in Nijmegen. Ik speel nu net onder de hoofdklasse (als je daarin zit komen je wedstrijden ook in de sportjournaals op tv). Voor mij betekent hockey drie keer per week twee uur of langer trainen en in het weekend ergens in het land een wedstrijd spelen. Maar als ik een keer een doelpunt mis of tegen krijg, dan kan ik dat wel relativeren en tegen mezelf zeggen: 'en nu een tandje erbij.' Maar de jongens die ik in de gevangenis ontmoette konden dat vaak niet. Het was alles of niets.

Wat ik graag wil is de combinatie van mijn twee opleidingen in de praktijk brengen met het sporten als ingang voor een goed gesprek. Mijn tijd bij Moria was in het begin een beetje zoeken en aftasten. Maar ik ga nu een van de jongens hier wat meer begeleiden. En met twee anderen heb ik de afspraak om te gaan tennissen. Dat vind ik leuk om te doen. Ik ben benieuwd hoe ik mijn sportachtergrond hierbij in kan zetten.

Guido Zwart